






Leefgebieden van de korenwolf
De verspreiding van de korenwolf is beperkt tot Zuid- en Midden-Limburg, ten zuiden van Roermond. Hij leeft het liefst op löss- en leemgronden. Die bieden voldoende stevigheid en een goede ontwatering voor zijn burcht.
Sommige leemhoudende gronden zijn ook goed. Vanaf 2002 zijn korenwolven uitgezet in Sibbe, Amby, Heer, Sittard, Koningsbosch en Puth.
In totaal zijn er in 11 korenwolfleefgebieden benoemd. De locaties zijn:
De korenwolf is gebonden aan open, agrarisch landschap. Burchten worden vooral gevonden in graanakkers en dan vooral tarwe-, rogge- en gerstakkers. De korenwolf houdt erg van kruidenrijke akkers met lijnvormige landschapselementen, zoals bermen. Hij leeft in het buitenland vooral in akkers waar nog veel akkerkruiden voorkomen die tot voor kort ook veel op Nederlandse akkers werden aangetroffen, zoals klaprozen, korenbloemen en diverse wikkesoorten. Graslanden, maïsakkers en bossen worden daarentegen niet als woongebied gebruikt. Akkers die zodanig zijn ingericht dat ze al deze elementen bevatten zijn een lust voor de korenwolf.
In het algemeen wordt aangenomen dat de reikwijdte van een korenwolf enkele honderden vierkante meters bedraagt, zijn territorium is beperkt tot enkele tientallen vierkante meters rondom de burcht.