print disclaimer sitemap downloads contact home






Korenwolf leefwijze Wat is een korenwolf Korenwolf levenscyclus Leefgebieden korenwolf
U bent hier: home > korenwolf leefwijze > Korenwolf levenscyclus

Als de korenwolfjongen 8 tot 12 weken oud zijn, zijn ze volgroeid.

Korenwolf levenscyclus

Solitair
Korenwolven leven solitair. Het mannetje en vrouwtje leven, buiten de paringsperiode, gescheiden, ieder in een eigen burcht. In hun eerste levensjaar moet hun burcht begin oktober gereed zijn voor de winterslaap die dan begint. Deze overleeft de korenwolf alleen in zijn eigen burcht.

Winterslaap
In Nederland gaat de korenwolf in oktober/november in winterslaap als de temperatuur in de winterburcht een meter diep onder de grond, 10 graden kouder is dan boven de grond. Zijn hartslag en ademhaling worden trager en zijn lichaamstemperatuur, die normaal 32 graden is, daalt tot dat deze ongeveer gelijk is aan die van de omgeving. De pijpen van de burcht zijn van binnenuit dichtgestopt met aarde.
Een dag of vijf blijft de korenwolf zo opgerold en verstijfd liggen. Dan wordt hij wakker om een hapje te eten. In de winterburcht zijn voorraadkamers, waar de korenwolf wel zes kilo granen, peulvruchten en andere zaden kan opslaan. Hij eet wat van zijn voorraad, doet zijn behoefte in de poepkamer, een van de kleinere doodlopende zijgangen, en slaapt daarna weer verder. Zo gaat het de hele winter door.
Volwassen mannetjes gaan als eerste in winterslaap, dan de volwassen vrouwtjes en tot slot de jonge dieren uit het laatste nest. Alleen als het wat warmer wordt, steekt de korenwolf soms even zijn snuit boven de grond. Eind maart/begin april, bij een buitentemperatuur van vijf tot tien graden, eindigt zijn winterslaap en wordt de korenwolf weer actief.

Ecologie
De korenwolf plant zich voort van april tot augustus. Voor het mannetje duurt deze bronsttijd de gehele zomer. Vanaf begin april komt het mannetje het territorium van het vrouwtje binnen om zijn geurvlaggen af te zetten rond haar burcht. Als het vrouwtje paringsbereid is kan de paring plaatsvinden. Dit gebeurt in de burcht. Na een of twee dagen keert het mannetje weer terug naar zijn eigen burcht, dan zet het vrouwtje hem weer buiten de deur. De korenwolf leeft namelijk solitair en alleen tijdens het paren zijn een mannetje en vrouwtje samen. Na een draagtijd van 18 tot 20 dagen werpt het wijfje 4 tot 16 naakte, blinde jongen. Na een week knabbelen de nog blinde hamsterjongen al aan het (groen)voer dat moeder in de burcht heeft gebracht. Na twee weken zijn ze dicht behaard en gaan de oogjes open. Na drie tot vier weken jaagt moeder de jongen de burcht uit. Ze zijn dan zo groot als een veldmuis en geheel op zichzelf aangewezen. Als ze acht tot twaalf weken zijn, zijn ze volgroeid. Het vrouwtje is na twee tot drie maanden geslachtsrijp; het mannetje na twee maanden. Maar pas na hun eerste winter zullen ze zich in de regel pas echt voortplanten. Het vrouwtje heeft 2 tot 5 worpen per jaar. De jongen uit de tweede en overige worpen maken echter minder tot geen kans, afhankelijk van de tijd waarop ze de burcht van de moeder verlaten, om te overleven. Dit heeft te maken met de oogsttijd. Het is mogelijk dat het vrouwtje vlak na de geboorte van haar jongen weer zwanger wordt. De draagtijd loopt dan op tot 37 dagen.

Korenwolven leven in burchten


Een korenwolf legt op een akker van zijn voorkeur een burcht aan. Dat doet hij door eerst een schuine looppijp aan te leggen. Langs deze pijp werkt de korenwolf alle vrijkomende grond naar buiten. Rond de uitgang ontstaat zo een stortberg. De burcht wordt daarna verder uitgebreid met kamers en twee of drie looppijpen. Ook graaft de korenwolf van binnenuit, loodrecht omhoog, één of meer valpijpen. Daar laat hij zich in vallen als er bijvoorbeeld gevaar dreigt. De uitgangen van de looppijpen en de valpijpen zijn goed herkenbaar: ze zijn mooi rond met een doorsnede van zes tot acht centimeter, ze passen er zelf precies doorheen.
Een (of meer) van de kleinere doodlopende zijgangen wordt door de korenwolf als toilet gebruikt. De slaapkamer krijgt een 'grastapijtje'. De korenwolf leeft gewoonlijk alleen in de burcht, omdat het een solitair levend dier is. Alleen tijdens de voorplanting verdragen mannetje en vrouwtje elkaar eventjes. Meestal bouwt een korenwolf een burcht 'voor het leven', eentje die elk jaar wordt uitgebreid. Een burcht heeft minstens twee uitgangen, maar als het een oude burcht is, kunnen dat er wel tien worden.

Oogsttijd
Het vrouwtje heeft 2 tot 5 worpen per jaar met ongeveer 4 tot 16 jongen. De jongen uit de tweede en overige worpen maken echter minder tot geen kans, afhankelijk van de tijd waarop ze de burcht van de moeder verlaten, om te overleven. Dit heeft te maken met de oogsttijd.
Het is mogelijk dat het vrouwtje vlak na de geboorte van haar jongen weer zwanger wordt. De draagtijd loopt dan op tot 37 dagen.